maandag 31 oktober 2016

Wie het kleine niet eert...

We zijn geen buurkinderen van elkaar, zoals Jip en Janneke, maar er is wel een band. Net als Janneke Vreugdenhil schrijf ik af en toe over koken en kook ik ook zelf. Maar er zijn ook verschillen. Zo ben ik niet bekend van krant met videoblog en ben ik recentelijk ook niet alleenstaand. Ik heb ook geen nieuw kookboek op mijn naam staan, maar dat geeft helemaal niks, want als het artikel in de bijlage van de NRC van 29.10 exemplarisch is voor die nieuwe uitgave, dan ben ik niks jaloers.
Janneke maakt in de krant reclame voor haar eigen boek voor solo kokers, solochefs en solo-koks. Ik heb geen idee waarom de schrijfwijze steeds anders is, maar het gaat om mensen die net als arme Janneke alleen staan en voor hun eigen natje en droogje moeten zorgen. Helaas pakt dat vaak, zoals wetenschappelijk is bewezen - zo'n opmerking doet het altijd goed bij journalisten - slecht uit: de eenling eet ongezonder dan de tweeling of meerling, het menu is eenzijdiger en er wordt veel weggegooid, omdat de supermarkt nog niet op de solotoer is. Oh ja, en er zijn geen recepten voor de eenzame mens voorhanden. Maar daar springt Janneke nu op in. Zij heeft inmiddels aan den lijve ondervonden hoe het is om zonder veeleisende kids en/of partner te leven en kennelijk is bij de boedelscheiding de vrieskist of het -vak verdwenen, want het is nu een uitdaging om met zo weinig mogelijk ingrediënten (opdat er geen restjes overblijven) toch iets aantrekkelijks op tafel te zetten. Let wel: op tafel, want madammeke eet niet meer onderuitgezakt op de sofa, maar rechtopzittend aan tafel met een kaarsje en een glaasje wijn en zonder tv. Vreemd genoeg zien we op de bijgaande foto's de bordjes op de knietjes van een vrouw zittend op de bank met een afstandbediening en een pak (soja?) melk op het kussen naast haar. Aan de wijn is Janneke denk ik toch wel degelijk, want ze begint tegen zichzelf te praten, zo schrijft ze, en vertelt zichzelf dat ze de ideale gast is en dat solo het nieuwe samen wordt.
En dan volgen enkele recepten van gerechtjes uit het nieuwe boek - afgebeeld op die knietjes. Het eerste begint met olijfolie, maar vermeldt niet hoeveel, terwijl er heel duidelijk wordt omschreven dat de kleine wortel in kleine blokjes en de stengel bleekselderij in smalle boogjes moet worden gesneden - om daarna door de staafmixer te worden vermalen, dus waarom zo moeilijk doen? In het tweede recept gaat een snuf komijn en een piepklein snufje kaneel - wat is er mis met het mespunt? - en een greepje fijngesneden koriander. In de 'quinotto' gaat 'een klein handje amandelen met vliesje' en ook weer zo'n greepje, maar ditmaal grofgesneden. Tot slot adviseert Janneke nog om het voor jezelf koken te beschouwen als een kans om nieuwe dingen te proberen. En als het niet 'te hakken blijft' (?) ga je gewoon aan de bezorgpizza. Dat daarvan meestal meer dan de helft in de vuilnisbak belandt, omdat solomensjes hele kleine maagjes hebben en geen vriesvakjes en geen hersentjes, dat is natuurlijk een hele flauwe opmerking van deze Jip met echtgenoot en een grote mond.

donderdag 18 augustus 2016

Appels met peren

Koken en eten is natuurlijk leuk, maar het is niet alle dagen feest. Plots is daar die grote vraag: wat zulen we nu weer eens eten? Ik ben niet van de woensdag gehaktdag of vrijdag vis, dus moet ik ander houvast zoeken. Dat doe ik dan maar door me af te vragen of het Indisch, Indiaas, mediterraans of Frans zal worden. Maar dat blijft natuurlijk vreselijk breed. Alleen al de Chinees op de hoek heeft immers een menukaart met meer dan 150 gerechten erop.
Maar gelukkig heeft de commercie iets op dergelijke keuzestress gevonden.
Om het ons gemakkelijk te maken hoeven we van Campina niet meer te kiezen tussen magere melk, of halfvolle of toch volle of geiten- of soja- of karne-. Nee, Campina verkoopt geen melk meer, maar 'actieve dag'. En wat dacht je van Ceylon, of Earl Grey of Darjeeling? Nee, Pickwick verkoop geen thee meer, maar 'bijkomen', 'verwarmen', 'opwarmen' of 'opfleuren'.
Het zijn de uitlopers van ons groentegemak. We kopen de aardappels immers niet meer op soort, maar op 'stomen', 'bakken', 'magnetron' of 'frituur'. En dat terwijl Nederland wel 250 aardappelrassen kent (waarover een andere keer meer).
"Oh, maar zo simpel zijn wij niet hoor!" zegt de dame naast mij bij de biowinkel en ze maakt, heel toepasselijk, een zaaigebaar naar het schap waar we voor staan. En verdomd, ze heeft gelijk, want naast de bulghur, gierst, spelt en quinoa staan daar ook nog zakjes amaranth, canihua, eenkorn, emmer, freekeh, kamut, kasha en teff. Ik kijk beschaamd naar beneden. In mijn mandje liggen moesappels en handperen.




zaterdag 6 augustus 2016

De mond spoelen

Het is toch wat: als je je VR masker met een ander deelt - ik heb geen idee waar/wanneer, maar las dit in een Amerikaans tijdschrift - kom je in contact met zoveel vuiligheid dat je tegenwoordig een 'ninja' lapje kan kopen dat je op je gezicht plakt voordat je zo'n masker opzet om zo alle ziektekiemen te omzeilen. Het is een beflap voor het gezicht, sorry, maar mooier kan ik het niet maken. En zo is het overal gesteld tegenwoordig. Axe heeft een giga marktaandeel met een deodorant die zo penetrant is dat je meters afstand moet bewaren van elk pukkeljoch dat voor dit product is gevallen. Hij weet niet dat hij het voorbeeld is van onze huidige leefomgeving, want hoe verder we uit elkaars buurt blijven, hoe beter; bootvluchtelingen, jakkie, andere godsdienst, brr, andere eetgewoonte, getsie.
Een ander voorbeeld van deze vervreemding is de huidige serie van MasterChef USA, waar het niet meer gaat om leuk koken, van elkaar leren en teambuilding, maar om ikke, ikke ikke, 250.000 dollar, een eigen kookboek en conformeren aan het format. Dus de competitie, geleid door vloekguru Gordon Ramsay, is hier verworden tot een wedstrijd met niets dan sterretjes in de ondertiteling en weggepoetste vuilspuitmonden. Niks lekker koken en inspiratie opdoen, maar elkaar het leven zuur maken en vuur spugen uit ogen en mond; het 'goede' voorbeeld voor de kijker. Hier trekken de kandidaten als heuse Stratego spelers ten strijde over een bordje pap. In deze Amerikaanse versie mag je ook het woord 'master' wel wegstrepen, want er wordt alleen maar cafévoer bereid: taco's hamburgers, gefrituurde kip en varkensworst. Terwijl je bij het kijken naar The Great British Bake Off goede zin krijgt in het bakken van een exquise zevenlaagjes taart en als het is afgelopen nog lang een warm gevoel van binnen hebt. Na een aflevering Amerikaanse oppervlakkigheid is dit een warm bad. Niks vieze bacteriën en vuile blikken, gewoon, je vork in andermans taart, je lippen op elkaars glas en de tongen in dezelfde taal! 

zondag 17 juli 2016

We gaan op vakantie, en we nemen mee:

Vroegah ging je op vakantie en stouwde je de hele vouwcaravan vol met Douwe Egberts koffie (snelfilter), bintjes, scheurzakjes frietsaus, blikken Unox soep, drop, stroopwafels en natuurlijk wc papier. Nu is dat al lang achterhaald en neem je de Delicious. mee. Het juli nummer is een barbecue special, dus dat zit wel goed, want inmiddels is de vouwcaravan vervangen voor een all-in vakantiehuisje met, naast wifi, natuurlijk ook een bbq.
Eenmaal op de camping, alles uitgepakt, kinderen in het zwemparadijs, maakt ma (niet alles verandert zo snel) een boodschappenlijstje. Pa mag naar de super voor de boodschappen en dit staat op zijn papiertje (in volgorde van de receptuur):
kweeperen
oerwortels
burrata
chioggia bieten
marcona amandelen
datterino tomaten
orzo
freekeh
chipotlepepers in adobosaus
pul biber
tarweglutenpoeder
edelgistpoeder
faro pellato
pijlwortelmeel
briochebolletjes
kokossuiker
barramundi
doperwtenscheuten
vlierbloesemtonic
Ik ben benieuwd waar de arme man (zelfs met Google translate op zijn smartphone) mee terugkomt en wat er dan zwaait.
En dan hebben we het nog niet over de terugtocht als manlief werkelijk stad en land heeft afgezocht en, zich niet bewust van de slechte redactie, alles in mobile home heeft gehaald. Er gaat namelijk een batterij aan azijnen mee terug, want die horen er wel bij, maar worden spaarzaam toegevoegd. De auto hangt scheef van de flesjes (in volgorde van receptuur):
balsamico azijn
rode wijn azijn
ciderappel azijn
sherry azijn
blanke azijn
appelcider azijn
rijstwijn azijn
witte wijn azijn
rijstazijn
Mijn huwelijk zou dit alles nog wel hebben overleefd, maar zijn gestrand op de 'slamelange', want dat woord moest ik een paar keer lezen, voordat ik, als boodschappenlijstjeschrijfster, wist wat er stond.
Bon route allemaal, 'keep the peace' en laat die Delicious. vooral thuis liggen!


maandag 4 juli 2016

Over de grens


Het rommelt in de Europese politiek en economie. Ik hoef het er hier niet uitgebreid over te hebben, we weten allemaal dat we steeds moeilijker de grens over komen en steeds meer op onze eigen eieren zitten. Maar ondertussen blijven we gourmands: de kale is een internationale hype aan het worden, de pizza is niet meer uit het straatbeeld weg te denken en elke hippe horecagelegenheid serveert tapas: de bar in Spanje, de brasserie in Frankrijk, de camping in de Ardennen en in Schotland zie ik in de pub een stoere man in kilt zo een bordje gamba's wegprikken. En we kunnen gemakkelijk verder kijken, want de lounge tent hier op de hoek zet ook zonder schromen tataki van bonito op de kaart. Dus, ik wil maar zeggen dat het helemaal niet zo raar is dat ik mijn mond vaak vol heb van lokaal en seizoensgebonden eten, maar vandaag toch lekker meedeed aan de cross-over: ik stapte langs de wijngaarden en plukte mooie grote bladeren met een Ottomaanse klassieker in gedachten: dolma's. Het is al ver in het seizoen en er pronken pronte druiven onder de schaduwdekjes, dus is het eigenlijk al te laat voor mijn culinaire uitspatting, maar misschien zijn sommige dingen nooit te laat (horen jullie me Brexitters?). De bladeren dienen te worden geplukt als ze nog jong zijn, zonder verstokte nerven, maar in mei had ik nog geen plannen in deze richting en is het blad überhaupt nog aan de kleine kant. Ik koos vandaag dus voor groen in een redelijk formaat en niet behorend tot de zorgvuldig gecultiveerde struiken die over een paar weken de vin doux van  Banyuls  moeten voortbrengen. Ik weet dat de boeren deze maanden hun wijngaarden net zo in de gaten houden als de douaniers hun grenzen; de druiven zijn nog klein en kwetsbaar, één onbezonnen hond, hagelbui of bladafrukkende culi, kan zomaar je oogst in gevaar brengen.
Ik kan hier nu wel beschrijven wat ik verder deed (bladeren koken, marineren in water met zout en citroensap - en na 4 uur verwerken), maar dat is niet comme il faut. Mocht je zelf aan de slag willen, pluk dan jonge bladeren, blancheer ze even in heet water en spoel ze koud af. Los in het kookwater een flinke hoeveelheid zout op en doe er citroensap bij. Rol de bladeren met een paar (6 à 8) tegelijk op, doe de rolletjes in een weckfles en giet het kookvocht erbij. Laat ze zo lekker zacht worden - ik heb geen idee hoe lang, maar check vooral internet; mijn methode was heel kort door de bocht en leverde blad op waar je echt op moet kauwen - ook niet slecht hoor. Ik vulde ze met een aangebakken mengsel van ui, tomatenpuree, gehakt en rijst met rozijnen, noten, kaneel, komijn, nootmuskaat, foelie, zout en peper. Een vulling met sardientjes staat ook nog op de agenda. Mogelijk maak ik nog wat chapatis als condiment. In ieder geval staat er al een dip in de koelkast die ik maakte van wat Griekse yoghurt met fijn gesneden uit Marokko geïmporteerde munt.
Nee...geen mint; ik heb ook mijn grenzen!

woensdag 18 mei 2016

Nu ook in de winkel

Alweer heel wat jaren geleden waren wij als familie uitgenodigd voor het bijwonen van een trouwerij op Sumba.
Op het vliegveld werden we opgewacht door de bruidegom die ons met een busje de velden inreed en ons meteen liet omkleden in traditionele dracht. De mannen kregen lendendoeken om met een groot kapmes erin gestoken. Om hun hoofd werd een doek (ikat natuurlijk) gebonden als een tulband. Wij vrouwen kregen een wijde kokerrok om, die je deels dubbelsloeg en bij je middel omrolde tot 'ie min of meer bleef zitten - erboven hielden we ons eigen T-shirt aan. We zouden allemaal dagen aan deze kledij sjorren en trekken, maar pas toen we ons weer in ons Westerse outfit hadden gehesen en ik me weer helemaal 'senang' voelde, bleek dat we door onze omgeving met grote spottende ogen werden aangekeken; we zagen er niet uit, vond men.
Maar goed, daar zaten we in ons Sumbanese kloffie bij onze gastfamilie op de veranda voor het avondmaal. De vrouw des huizes was de kok en bleef achter een gordijn verborgen, terwijl wij onze maaltijd kregen voorgeschoteld, allemaal in een keurig, zij het wat gechipt, geëmailleerd kommetje. In die kom zat een mooie portie rijst met brokken varkensvet, de huid en haren er nog aan. Tussen de rijst zaten wat sliertjes Indonesische spinazie (kangkung; waterspinazie om precies te zijn). Het vlees-zonder-vlees was zo moddervet dat ik het niet wegkreeg. Gelukkig zaten we gehurkt op brede planken, met grote kieren ertussen, dus kon ik, als onze gastheer niet keek, de stukken vet door de vloer heen drukken. Onder de planken liepen kippen en varkens. Je hoorde ze gretig aan komen lopen en even later schrokken als er weer een stukje vet op de grond viel. Iedereen blij!
Bij het eten kregen we een glas water, netjes met een dekseltje erop tegen het ongedierte. Dit water smaakte sterk naar houtskool, want het was op het vuur gekookt om bacteriën te doden - desondanks namen mijn moeder en ik toch een vervelende parasiet mee naar huis, maar dat terzijde.
Dat water was eigenlijk best lekker en vormt, met z'n penetrante, specifieke smaak, een blijvende herinnering.
Dus...wat schetst mijn verbazing dat dit houtskoolwater nu ook bij de Appie in het schap schijnt te liggen. Niet omdat het een herinnering aan Sumba moet oproepen bij het gemiddelde boodschappenpubliek, maar omdat het als opgeloste Norit gezien kan worden en zou helpen tegen een kater (of zouden ze dat op Sumba ook geweten hebben?). En zo worden er steeds meer smaakjes aan puur water toegevoegd, want op het kleur- en smaakloze vocht zijn we uitgekeken. Een plastic 0,5 literflesje gemeentepils met een framboos gaat voor €1,75 over de toonbank. De Sumbanese gastheer, inmiddels helaas overleden, draait zich om in zijn graf.
En dan nog wat: al die doosjes 'thee' die net in het andere gangpad staan opgetast, bevatten toch allemaal precies hetzelfde? Daar komt geen theeblaadje meer aan te pas, het enige verschil is dat je het water eerst kookt om de smaak van de mango/perzik/vanille etc. goed in te laten trekken. Af laten koelen, in een karaf in de ijskast en...voila. Er zweeft dan misschien geen groen takje of rood besje in het aquarium, maar tel uit je winst en spaar voor een ticket naar Sumba.

vrijdag 4 maart 2016

Enough is (not always) enough

We were dressed in thick sweaters and scarves. It was rainy and cold last Saturday, but that was just as well. You do not want a warm day when you are making sausages! But like the heat attracts the flies, the cold attracts...well: the cold. So there were only four of us healthy enough to attack the meat of a 160 kilo pig from a village nearby - this was just across the border in Spain -  slaughtered by the butcher next door and now waiting to be turned into sausages, sausages and sausages. We made five different varieties, all with the most traditional flavoring: salt/pepper, salt/pepper, salt/pepper, salt/pepper and salt/pepper. The only diffence was the part of the pig, the use of the small or large gut/intestine and the amount of pepper. This is how it has been done by Joan's father, the father before him and before him and...you get the drift by now. So what we did was: cutting, cutting, cutting and cutting. We brought all the meat to the neighour to be grinded and mixed, then we took it back and stuffed it, knotting sting after string and then pricking all the 'tubes' with a pin stuck on a piece of cork and so rusty it must have been part of the great-grandfather's inheritance already.
After 6 hours of work we were cold and smelly; especially the odour of the large intestine is difficult to get off your hands, even though it was soaked in water with fresh lemon juice overnight.
We warmed up by the fire in the living room, drinking wine, wine and wine and eating sausage sausage and sausage. To get through all this meat in a year, you must be a true lover of pork. I had my belly full before the day was done.
But enough is not always enough as I read in the paper this morning. Recently two guys not far from here were convicted to one year in prison for a theft of:
600 kilos of sausages, 200 kilos of coppa (dried neck meat), 200 kilos of paté, 180 kilos of cooked ham, 80 pots of rabbit paté and 10 kilos of pork's snout salad. They had taken the butcher's refrigerator vehicle to transport it all, but when they set fire to it to get rid of their fingerprints they were injured and consequently caught. But secretly I'm thinking: if I'm not up to it, maybe they'll be able to help out next year.