Nederland reageert geschokt op de aanleveringsproblemen bij Albert Heijn. Het legt een aantal gevoeligheden bloot, bijvoorbeeld het gebrek aan alternatieven in de binnenstad van Amsterdam. Daar is nu veel te weinig middenstand.
Gelukkig weten Roderick en Danielle het goed gemaakt. Ze beginnen een heuse winkel, in het centrum.
Roderick is net klaar met zijn studie Productivity Improvement en Danielle met Global Design. Ze openen hun zaak in het pand waar voorheen exclusief macarons werden verkocht. Die waren er weliswaar in verschillende smaken en kleuren, maar toch bleken de marges te krap voor een lang leven. Roderick en Danielle hebben 'marktonderzoek' denk ik niet in hun vakkenpakket gehad, want zij beginnen nu op diezelfde plek met madeleines en alleen maar madeleines, wel in verschillend smaken hoor, denk aan pistache, zoute karamel en truffel. Ze zijn niet uit op TikTokrijen, maar zitten er vooral voor de buurt. Anniek, het studiegenootje van Danielle kon met een jubelton ook voor zichzelf beginnen, maar doet dat met een bloemenzaak om de hoek. Ze verkoopt er alleen anjers, "die moeten gewoon terug in het knoopsgat," vertelt ze bij de lokale omroep. Over een latte macchiato hebben Dani en Ann al uitrolplannen besproken, want ze hebben geleerd om groot te dromen. Ze willen allebei snel uitbreiden en leveren aan de horeca. Ja, het woord uitrollen stond in veel van het studiemateriaal, dat had ChatGTP goed opgepikt.
Misschien zetten dergelijke speciaalzaken in op minder keuzestress, maar als we dan toch niet meer op Appie en Dirk kunnen vertrouwen, laten we dan gaan voor de kruidenier en de melkboer, de slager en de warme bakker. Ik zie 'de Melkunie' nog zitten, bij ons om de hoek. Op de schappen stonden pakken suiker, meel, mosterd, bouillonpoeder, jam en beschuit. In een staande vitrine vond je de flessen melk en yoghurt en bij de toonbank met kassa lagen gekoelde vleeswaren en kazen die je per plak of aan een stuk kon laten afsnijden. Je kon er zo voor 8 dagen en langer eten inslaan, want in een kleine ruimte achter een rolgordijn stonden ook nog stapels conserven in blik en pot: kapucijners, doppers, sardientjes, appelmoes en ingelegde perzikken.
Ik denk niet dat de eigenaar Roderick heette; we noemden hem Stof, omdat hij altijd een smetteloos witte stofjas droeg. Hij noemde mij "schatje", en zo noemde hij de buurvrouw ook en zelfs de buurman.
"Komt je moeder dit weekend, schatje? Dan heb ik die belegen kaas die zij de vorige keer zo lekker vond."
"Waar is je hond, schatje, er met de poedel vandoor, of met de inboedel ha ha."
"En neem deze tas even mee voor Lydia van nummer 10, ze is hem net vergeten, gaat ons ook gebeuren hoor."
Toen ik jong was, leerde ik dat 'vroeger' niet alles beter was. Sterker nog, we gingen alleen maar vooruit. Alles kon sneller, efficiƫnter en daardoor goedkoper. Leve de groeiende economie en het kapitalisme. Maar de rek is eruit en terugkijkend op mijn eigen leven zie ik wel elementen die beter waren dan ze nu zijn.
Hier in Frankrijk hoor ik op de radio dat er weer een schillenboer langskomt in een naburig dorp. Het afval wordt gebruikt als compost voor de teelt van allerlei soorten groente en fruit. Al verdwijnt een enkele slappe wortel in de mond van Karamel, het paard dat de kar trekt.
Nou stond er recent in Het Parool dat de paardenkoetsjes in Amsterdam geen vergunning meer krijgen en de uitbater zijn paarden kwijt moet. Dus, mevrouw Halsema, is de invoering van een Mokumse schillenboer geen goed idee voor het afvalprobleem, waardoor de ratten zo welig tieren?
Ik zeg: uitrollen dat idee, na grondig marktonderzoek natuurlijk.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten